Furor Teutonicus
https://www.furorteutonicus.eu/2020/06/14/boeknotities-de-tovenaar-en-de-dominee/
Export date: Mon Jul 6 22:35:51 2020 / +0000 GMT

Boeknotities: De tovenaar en de dominee


Deze zomer 1 noteer ik voor mezelf gedachten die me troffen of opvielen in boeken die ik de afgelopen maanden of jaren gelezen heb. Ik noem dat boeknotities. Wie weet kan een ander er ook wat mee; daarom zet ik ze op mijn weblog. Mijn notities bevatten veel citaten en soms ook spoilers, dus als je het boek nog niet gelezen hebt, en nog van plan bent te gaan lezen, dan kun je misschien beter niet verder lezen. Ik gooi er ook mijn eigen reflecties tussen.

Eindelijk heb ik de drieluik compleet! Dominee Henk Vreekamp (1943-2016) schreef een trilogie over de verhouding van het Germaanse heidendom, het Joodse geloof en het Christendom; iets wat hem als echte Veluwenaar zowel persoonlijk als cultureel-historisch bezighield.

  1. Zwijgen bij volle maan

  2. De tovenaar en de dominee

  3. Als Freyja zich laat zien (door mij in 2017 besproken 2)


Ik heb ze nu gelezen in de volgorde 1-3-2; misschien niet optimaal, maar elk boek is goed op zichzelf te lezen. Op de achterkant van het boek lezen we wat Vreekamp beweegt:
In het dorp stond hij bekend als tovenaar, mijn overgrootvader.

En ook:
De verschijning van God is een mysterie.

In zijn werk komt de dominee duidelijk naar voren, als theoloog, als mens, als verteller, als iemand die zelf ook nog zoekt. De boeken van deze trilogie zijn niet goed in te delen in een specifiek genre. Hij speelt soms met vastgeroeste dogma's; raakt keer op keer het heidendom. En steeds als hij dat doet, lijkt hij een dieper laagje van het het Chistendom te vinden.
Deze goden - Odin, Hoenir en Lodur, ter plekke verschenen als drie-eenheid - schonken de mens adem, inzicht en warmte. [...] Waarom zou ik de oude en vertrouwde goden van mijn voorouders inwisselen voor een nieuwe, volslagen onbekende god? [...] In een wenk moet Hij zijn verschenen. (Hoofdstuk 1 - Zieneres in Dubridun)

En het verschijnen is zijn thema: in het tweede hoofdstuk pareert hij Geert Mak met de titel "Hoe God verscheen in Jorwerd". Het land, het heidendom en de kerkelijke geschiedenis lopen in elkaar over. Onverwachte invloeden, oude wortels, hij legt ze bloot.
Welke Nederlander verwart de bijbelse gedachte van de dubbele predestinatie niet met de Germaanse gedachte van het noodlot? (p.125)

Het bijzondere, het tastbare, is vaak belangrijker dan het abstracte:
Wat leert ons de Jood in de kerk? Ehrenberg had, net als Franz Rosenzweig (1886-1929), afscheid genomen van het idealisme, van de opperheerschappij van de logica, van de onderwerping van het bijzondere aan het algemene. (p.129)

God verschijnt -- deel 2 -- in de natuur, in de geschiedenis, in het heidendom.
De toren is opgericht in het heidense landschap. Dat landschap zelf is dus een open boek. Het boek van de wereld ligt hier opengeslagen. De wereld van de natuur. En die van de geschiedenis. [...] Zij doen God vermoeden. (p.161)

De verhouding tussen de oude Germaanse goden van de Edda en God uit de Bijbel wordt door Vreekamp origineel en levendig beschreven op basis van Psalm 82.
In de kring van de "goden" houdt hij gericht. De goden zijn in vergadering bijeen [...] Onze goden van het noorden zijn er ook. "Toen gingen alle goden naar hun rechterstoel, / de hoogheilige heersers beraadslaagden", zo heet het in de Edda. [...] Opnieuw neemt God het woord. Goden zijn jullie - kinderen van de Allerhoogste, jullie allemaal. Maar - als een mens zullen jullie sterven als aardse koningen vallen. [...] Volgens enkele nogal onbekend gebleven bijbelpassages benoemt de God van Israël voor elk volk op aarde een "vorst", ook wel een god genoemd. (pp.195-196)

Scheppen is scheiden. Opdelen. Vreekamp zegt het niet, maar zelf zie ik dat in de evoluerende natuur, en in de kunst van het programmeren, de techniek; het opdelen in modules en componenten. Ook in de analytische psychologie van Jung is het afsplitsen en ontwikkelen van archetypen de ontwikkeling van het bewustzijn, zoals beschreven door Neumann. Veel oude scheppingsmythen vertellen over de scheiding of schepping van hemel en aarde, man en vrouw, licht en duisternis.
Scheppen is immers scheiden en onderscheiden. Licht, jij hier. Donker, jij daar. Uiteen! Geen schemering waar alle witte muizen grauw zijn. Er is wit en er is zwart. [...] Het Woord is scherp. Hier klinkt het snijden. Het mes dat naar twee kanten snijdt, scherper dan welk tweesnijdend zwaard ook. [...] Het Woord oordeelt, is kriticos, criticus van mijn gedachten. [...] Dit Woord nu, dit zwaard ten dode, is de baarmoeder ten leven, het Woord van leven. Leven dwars door de onverbiddelijke dood heen. (pp.202-203)

En weer maak ik een uitstapje voorbij Vreekamp, want zijn woorden resoneren zo goed met de kosmische ordening, Rta, Arethe van de oude Perzen en Grieken en de Vedische godsdienst. Waar de ordening vervalt, waar grenzen vervagen en alles samensmelt, de ordening omkeert, daar volgt een Kali Yuga, de vernietiging. Neumann zou het een oeroborische incest noemen, waarbij het individu of de samenleving wil opgaan in een eenheid zonder individualiteit, in de Grote Moeder. Dus, begrijp ik, zonder geslachtelijkheid, zonder volk, zonder ras, zonder natuur, zonder geschiedenis, zonder worteling, zoals we dat wellicht momenteel misschien kunnen waarnemen in onze Westerse samenleving. Maar dat zijn dan maar gedachten die bij mij als lezer opwellen.

Vreekamp geeft een inkijkje in zijn beleving van het domineeschap, het geestelijke herderschap:
Dominee word je uit liefde tot de heilige Schrift. Zo ontmoet mij de Schrift, als taal, als literatuur, als muziek, als kunst, als poëzie, als proza, als bibliotheek, als verzameling heilige teksten. Nooit onder controle. (p.209)

De dominee, de Schrift, de profetie; het is niet altijd lief.
Profetie is ook het antwoord op de mystiek die het stemgeluid van God en de aanblik van het vuur wél meent te kunnen verdragen. Die het verterende in de verschijning van God onderschat. Die hunkert naar de stem van God maar niet beseft dat daarin de onder en bliksem de mens ter aarde doen storten. (p.216)

En de aarde, dat is de plek van de Schepping, waar dingen gemaakt zijn, geordend zijn, door te scheiden. Scheiden mondt ook uit in de Drie-eenheid, de triniteit. Vreekamp lijkt ermee te worstelen. In zijn boek gebruikt hij de drieslag steeds opnieuw, maar in de relatie met Israël constateert hij een probleem.
Het dogma van Nicea-Constantinopel heeft de christelijke gelederen gesloten door de geschiedenis van Israël buiten te sluiten. Nu is Jezus ontdaan. Ontdaan van zijn volk.

Het grote struikelblok tussen synagoge en kerk, zegt Tabaksblatt, is de triniteit. De kerk moet terug naar de leer van de hypostasen. Een hypostase is een begrip dat ons als persoon wordt voorgesteld, zodat we in oogcontact met dat begrip kunnen komen. De synagoge gelooft in één God en ziet de hypostasen van God als geschapen wezens in wie God zich laat kennen. (p.221)

Dit doet ons denken aan de eerder genoemde goden als vergankelijke kinderen van de Allerhoogste. En hoe staat Jezus ten opzichte van de Allerhoogste?
Jezus is tot Zoon van God geadopteerd, aangenomen. Jezus is een daad van God die slechts denkbaar is vanuit het eerste verbond. Daarmee is de afgrenzing gegeven van de traditionele Logos-christologie, de Woord-christologie, waarin Jezus niet als daad maar als deel van God wordt beschouwd. Met deze afgrenzing wijst Ehrenberg op een bron van gevaar voor de (heiden-christelijke) kerk, namelijk dat de historisch-theologisch bepaalde verkiezingschristologie wordt "opgeheven" ten gunste van een historieloze abstraherende Logos-christologie. [...] Het is het gevaar dat gelegen is in het overnemen van heidens filosofisch denken waarin de geschiedenis buitenspel wordt gezet. Heidens denken is abstraherend denken. "De gedachte is de laatste god van het heidendom." Denken bevindt zich buiten het leven. Het heidendom wil de wereld overwinnen zonder haar als schepping van God te laten gelden. (p.224)

Ik denk dat Ehrenberg en Vreekamp hier net iets te kort door de bocht gaan. In het neoplatonisme zag je juist erkenning voor een "ongeschreven leer", een suprarationele intelligentie die niet bevatbaar is voor onze gedachten.

Verderop volgt een interessant stukje over de drieslag mythe-mysterie-mystiek (pp.229-230). Er worden vergelijkingen gesuggereerd, sterker nog, eenheid aanbevolen, een vestigum trinitatis:

  1. mythe, natuur, geschiedenis, tovenaar, heiden

  2. mysterie, genade, dominee, kerk, herschepping, openbaring

  3. mystiek, glorie, tijdloosheid


Beide worden geroepen, de mythe om naar voren te komen en de mystiek om terug te keren. Want God verschijnt in het midden. (p.229)

Waar eerder al de natuur, historie en oude goden tot een onderdeel van de Schepping en openbaring gebracht werden, daar werd ook de mystieke ervaring al beschreven:
Het mystieke universum ben ik binnengewandeld. Het is er leeg. God. En de ziel. Het is er stil. Het zwijgen staat me nader dan het spreken. Elk woord is teveel. Te gevaarlijk. [...] Nee, terug naar het midden, de aarde, de hof, de gegeven plaats. (p.210)

Maar is Vreekamp geheel ongevoelig voor de mystiek? Nee, zoals hij ook niet ongevoelig is voor de goden van zijn voorvaderen. De kosmos, God, de kern -- het is stilte.
De oneindige ruimten van natuur en kosmos worden gedragen door de stilte. [...] De kosmischie oneindigheid als stilte. Deze oneindigheid is niet meer dan een sluier. De sluier van een andere Oneindigheid, die an de Schepper. [...] God is uiteindelijk, zegt de Joodse mystiek, En Sof, zonder Einde. De Verborgene. De Zwijgende. God is stilte. [...] Stilte is het meest welsprekende instrument van aanbidding. (pp.254-255)

En is dat niet een mooie afsluiting van deze boeknotities? Al teveel heb ik geciteerd uit het boek van Vreekamp; ik hoop dat ik nog binnen de grenzen van het betamelijke gebleven ben. Maar veel meer nog heb ik achterwege moeten laten; laat 't een aansporing zijn het boek aan te schaffen en zelf te lezen!
De tovenaar en de dominee: Over de verschijning van God
Henk Vreekamp
Boekencentrum, tweede druk, 2012 (eerste druk 2010)


boekomslag
Excerpt: Dominee Henk Vreekamp heeft het in zijn boek over de verschijning van God: in de natuur, in de historie, als mysterie tussen mythe en mystiek.
Links:
  1. https://www.furorteutonicus.eu/2020/05/18/zomerpau ze-dus-offline/
  2. https://www.furorteutonicus.eu/2017/02/23/als-frey ja-zich-laat-zien-boekbespreking/
Post date: 2020-06-14 22:41:38
Post date GMT: 2020-06-14 20:41:38

Post modified date: 2020-06-14 22:41:38
Post modified date GMT: 2020-06-14 20:41:38

Export date: Mon Jul 6 22:35:51 2020 / +0000 GMT
This page was exported from Furor Teutonicus [ https://www.furorteutonicus.eu ]
Export of Post and Page has been powered by [ Universal Post Manager ] plugin from www.ProfProjects.com