Studeren moet renderen

— door Evert Mouw

De titel van dit stukje zou pakweg vijf jaar terug nog veel verontwaardigde reacties ontlokken. Ik had toen wel ’s discussies met medestudenten. Volgens hen ging studeren toch vooral om persoonlijke vorming — hoewel ze dat soms niet zo goed konden definiëren. Die vorming was in ieder geval heel belangrijk, net zo belangrijk als het niet meten langs de banale ladder van de baankans of maatschappelijke relevantie. Immers, je moest vooral doen wat je interesse had (leuk vond) en dan kwam de rest vanzelf wel.

Is bovenstaande een karikatuur? Nee. Veel studenten geloofden dat oprecht. Mijn mening werd dan soms ook wel wat extreem gevonden. Nou, dat overkomt me vaker, en daar maak ik me ook niet zoveel zorgen om. Wat vandaag extreem is, dat kan over een paar jaar communis opinio zijn. Ik loop graag vooruit op de kudde; of die me daarom vervloekt of benijdt is me om het even. En soms zal ik wel een verkeerde route inslaan, maar interessant is het altijd. Afijn, vandaag de dag lijkt het erop dat het rendement van een studie voorop staat. Waar kun je dat aan afleiden?

Check je rendement

Bijvoorbeeld aan het recente rapport van de Algemene Rekenkamer. Ze hebben afgelopen mei het onderzoek #checkjerendement gepresenteerd. Aan de hand van een hoop openbare gegevens berekenen ze het “rendementsmoment”.

Hoe lang duurt het voordat de kosten van je opleiding zijn terugverdiend? Oftewel: op welk moment na je afstuderen zijn de (belasting-)opbrengsten van je opleiding in evenwicht met de kosten van je studie?

Dat rendementsmoment hangt nogal af van je baankansen en het salaris dat je kunt verwachten. Hieronder de grafieken (klik op de afbeeldingen voor een grotere versie).

Behoefte aan relevant onderwijs

Weinig nieuws eigenlijk. In 2011 plaatste ik al een blog onder de titel Investeren in relevant onderwijs. In dat artikel deed ik een bescheiden voorstel om het hoger onderwijs voor zowel de student (en toekomstige alumnus) als voor de samenleving meer relevant te maken. Ik constateer dat dit onderwerp nu de volle aandacht heeft.

Elf grote bedrijven lieten onlangs weten dat het wetenschaps- en innovatiebeleid het volgende moet doen:

Minder nadruk leggen op aantallen publicaties, meer aandacht in de nationale onderzoeksportfolio voor bèta-techniek en toepassingsgeïnspireerd onderzoek.

Duidelijk. Het gaat om de toepassing. Dat is wat bedrijven zoeken. Daarvoor is het dat ze afgestudeerden aannemen. Is je algemene ontwikkeling, culturele vorming e.d. niet inzetbaar, dan dreig je maatschappelijk irrelevant te worden. Leuk of niet leuk — maar er moet nu eenmaal gegeten worden, zelfs door kunstenaars en intellectuelen.

Slecht renderende opleidingen

En die ontwikkeling die opgedaan wordt bij met name culturele studies is soms twijfelachtig. Vandaag in het nieuws: Honderden alfastudenten halen bul te makkelijk. De NVAO was kritisch. Volgens nu.nl: “Vooral de opleidingen Geschiedenis, Kunst en Cultuur en Communicatie- en Informatiewetenschappen bleken onder de maat.” Dit geldt dus niet voor alle genoemde opleidingen, maar wel voor die op een aantal locaties — zie het bronartikel.

Eerder deze maand verscheen op Lifehacker het artikel The College Degrees with the Worst Return on Your Money. In de USA zijn onderstaande studies maar weinig kans op een goedbetaalde baan. In Nederland zal de situatie waarschijnlijk niet heel erg anders zijn.

  • Sociology
  • Fine Arts
  • Education1
  • Religious Studies/Theology
  • Hospitality/Tourism
  • Nutrition
  • Psychology
  • Communications

Mocht je een promotietraject (PhD) willen doen, dan is dat wellicht een hele goede zet, maar denk wel even na… PhD waardevol?

Bildung, tenslotte!

Ergens op een weblog of op Facebook schreef ik niet zo lang terug het volgende over het verdwijnen van de studiefinanciering:

De massa studeert. Het grote meerendeel ervan, ik geloof > 70%, gaat geen wetenschappelijk of filosofisch werk doen. Bilding is leuk, maar je kunt het niet eten. Of: als iedereen filosofie gaat studeren, dan gaan de filosofen dood van de honger. Het is fout gegaan door de toegang te gemakkelijk te maken. Nu is het onhoudbaar en maken we het financieel onverantwoord om te studeren, zelfs voor hen die wel de oprechte interesse en capaciteit hebben. Wat niet wegneemt dat de ombuiging verdacht is. Studenten opzadelen met enorme schulden (“Amerikaanse toestanden”) zonder dat ze uitzicht hebben op Amerikaanse belastingtarieven. Het is krom.

Ik vind in het algemeen elk pleidooi voor meer geld met als argument “het moet niet om het geld gaan” hypocriet. Als Bildung belangrijker is dan economie (geld), klaag dan niet over het verdwijnen van financiering (geld).

Bildung is ook een slecht excuus. Ik ken (teveel) studenten met wie nauwelijks een filosofische, politiek-strategische, religieuze, statistische, of andersoortige discussie te voeren is. Vaak zijn dat studenten in de liberal arts hoek. Niet de studenten filosofie overigens.

Ik ben voor een beroepsvariant van het WO, vooral in de masterfase, met in de bachelor een brede basis. Dat heeft marktwaarde en dat is goed voor iedereen. Universitaire Bildung als straatveger is wellicht voor een enkeling leuk maar voor weinigen echt een ideaalbeeld.

Daarnaast zou er toch iets moeten zijn voor de enkele student die wel die oprechte interesse heeft. Maar dan bovenop of naast de reguliere en stevige (renderende) opleiding.

En ik wil een dienstoptie. Geen dienstplicht, maar een optie. De vormende waarde daarvan wordt vaak onderschat. Een brede ontwikkeling beperkt zich niet tot het lezen van boeken en het bijwonen van colleges.

     

Facebook Comments

één reactie

Reacties Gesloten